02 — LEEFGEBIED
Lopen zonder
gezien te worden
Poema’s gebruiken grote gebieden en komen doorgaans in lage dichtheden voor. Ze rusten op beschutte plekken en bewegen door grasland, ravijnen en bosranden om zich te verplaatsen of voedsel te zoeken.
Hun effen vacht gaat op in rots, polgras en schaduw. Veel van hun leven ontsnapt aan ons zicht: voetafdrukken, markeringen en prooiresten vertellen over een dier dat alweer verder is.
